3D, video installation art, sampling and sound synthesis
Ik ben mezelf, maar ik ben er niet zag het levenslicht als afstudeerproject Cross-Over Fotokunst / Interactieve Media. Met deze audiovisuele installatie onderzocht de kunstenaar de dunne grens tussen het alledaagse en het onderbewuste in de mentale aftakeling bij dementie.
Ze drijven voorbij, fluisteren verhalen in een taal die ik niet begrijp. Zoveel wolken in mijn kleine kopje thee...
Geïnspireerd door het ziekteproces van zijn schoonvader groeide dit project uit tot een persoonlijk traject. Wat hem het meest aangreep, was niet alleen de verwarring, maar vooral het geleidelijk verdwijnen van herkenning, herinneringen en houvast.
Precies dit is de essentie van dit project: de zoektocht naar wat ons maakt tot wie we zijn.
In de frontale projectie voeren acteurs eenvoudige, alledaagse handelingen uit, maar er lijkt iets niet te kloppen. De sterk vertraagde beelden vergroten deze momenten uit en leggen hun kwetsbaarheid bloot. De vrijwillige medewerkers die aan het project meewerkten, waren persoonlijk vertrouwd met dementie binnen hun eigen omgeving, wat hun vertolkingen een bijzondere intensiteit verleende. Respect en waardigheid stonden gedurende het volledige creatieproces centraal.
Achter dit vreemde ritueel ontvouwt zich een tweede, meer abstracte wereld: een brainwalk in de herinneringen, emoties, prikkels en verwarring. Geïnspireerd door Edward Hopper's The Automat wordt achter het ogenschijnlijk alledaagse een innerlijk universum zichtbaar – een plaats waar houvast verdwijnt en fragmenten van het zelf blijven rondzingen, terwijl betekenis en samenhang langzaam vervagen.
Ik sluit mijn ogen, sta weer aan de rivier donkerrood als het leven (brainwalk)
De transparante schermen roepen tegelijk nabijheid en afstand op. Ze vormen een metafoor voor het ongrijpbare karakter van onze persoonlijkheid: zichtbaar en voelbaar aanwezig, maar nooit volledig bereikbaar. Eén portretfoto verbeeldt de vergeten vader, broer of vriend die als een schim blijft rondwaren in het hoofd van één van de personages. De soundscape werd opgebouwd op uit meerdere lagen van samples, midi-instrumenten en synthesizers. Ze vormt een emotionele onderstroom die de bezoeker verder meeneemt in de belevingswereld van de personages.
De installatie nodigt de bezoeker uit om te vertragen, te observeren en zich open te stellen voor wat zich mogelijk afspeelt achter de blik van iemand die leeft met dementie. Ze pretendeert niet de medische werkelijkheid van dementie te verklaren, maar wil op een poëtische en zintuiglijke manier ruimte creëren voor empathie en reflectie. Tegelijk is dit een eerbetoon aan de mensen met dementie zelf, aan hun naasten die hen stukje bij beetje zien veranderen, en aan de zorgverleners die hen met uitzonderlijke toewijding begeleiden.
I Am Myself, but I'm not started as a graduation project within the DKO Cross-Over program Photography / Interactive Media. Through this audiovisual installation, the artist explores the delicate boundary between everyday life and the subconscious within the mental decline associated with dementia. Inspired by the progression of my father-in-law's illness, this project evolved into a deeply personal journey. What affected him most was not only the confusion, but above all the gradual loss of recognition, memories and a sense of grounding.
This the essence of my project: the search for what makes us who we are.
In the frontal projection, actors perform simple, familiar actions, yet something feels amiss. The heavily slowed-down imagery magnifies these moments, revealing their vulnerability. The volunteers who participated in the project had themselves experienced dementia through loved ones, lending their performances a particular emotional authenticity. Respect and dignity remained central throughout the entire creative process.
Behind this frontal projection unfolds a second, more abstract world: a brainwalk composed of memories, emotions, sensory stimuli and confusion. Inspired by Edward Hopper's The Automat, an inner universe emerges beneath the surface of the seemingly ordinary – a place where certainty dissolves and fragments of the self continue to resonate, while meaning and coherence gradually fade away.
What do I want more than now, in the bossom of my day (brainwalk)
The translucent screens that evoke both proximity and distance. They serve as a metaphor for the elusive nature of personality: visible and tangible, yet never entirely within reach. One particular portrait represents the forgotten father, brother or friend who lingers like a shadow within the mind of one of the characters. The soundscape was composed from multiple layers of samples, MIDI and synthesizer. It forms an emotional undercurrent that further draws the visitor into the experiential world of the characters.
The installation invites the visitors to slow down, to observe, and to open themselves to what may be unfolding behind the gaze of someone living with dementia. It does not seek to explain the medical reality of dementia; rather it aims to create space for empathy and reflection through a poetic and sensory experience. At the same time, this work is a tribute to people living with dementia, to the families who witness their gradual transformation, and to the caregivers whose extraordinary dedication accompanies them along this difficult path.